Poezie

Op deze Poezie pagina staan een aantal gedichten van mijn hand over mensen, gebeurtenissen, emoties en ons land. De onderwerpen zijn zeer divers. Van serieus, naar kritisch en soms humoristisch. Regelmatig plaats ik nieuwe gedichten in ‘Poezie”.

Poezie

Moederdag, ode aan moeder

moederdag

 

Vaderdag

Een vader is echt niet altijd stoer,
rijk, de beste of vreselijk sterk,
het gaat om liefde en om zorg,
die ik van hem mag ervaren.

Zoiets blijft altijd bij je onbedoeld,
want je hebt ze in je hart gevoeld.

Papa bescherm me

Papa, ik ben nog niet geboren,
maar ik vraag je,
ik smeek je,
help me, bescherm me.

Papa, ik hoop op je hulp,
reken op je steun,
en je zorg voor mij,
want ik ben een meisje.

Papa, ik ben soms bang,
als ik hoor wat er gebeurt,
om het verdriet,
wat een gezin verscheurt.

Papa, ik ben bang voor jongens,
ik ken ze niet,
maar hoor slechte dingen,
al die vrouwen,
met al dat verdriet.

Papa, soms slaan ze,
of doen dingen,
die nog erger zijn,
dan jij soms ziet.

Papa, ik ben echt bang,
bang voor het leven,
bang voor mijn pubertijd,
als ik met goed en kwaad moet leven.

Mama, dank je voor zorg,
je liefde en geborgenheid,
negen maanden lang,
dat ik me bij jou verborg.

oogkind

Opa en ik

Opa is groot,
ik ben klein,opaenik
samen stappen we
door het grote bos
en langs de paarse hei

Ze loopt naast me,
nog zo klein,
ik zie haar stapjes,
zo veel meer,
dan dat ik er zet.

Ze houdt me vast
met haar knuistje,
de vinger van m’n rechterhand,
samen stappen we,
ik geniet en zij kletst.

Kijk, opa, daar,
een boom met ogen
en een dikke neus,
de boom lacht
en knipoogt naar haar.

Samen genieten we,
stappend door het bos,
zij met vlechtjes
en met een lokje haar,
een beetje los.

Dag lieve mama, ik mis je

 

Mama , wat ben je stil

Mama, kom je spelen?
Ik verveel me zo
Je bent zo stil
de laatste tijd
ik zie je pijn

Mama, wat ben je dun
en zo bleek
Ik mis je gestoei
of dat je me kietelt
zoals vroeger

Mama, wat denk je?
papa is ook zo stil
laatst zag ik een traan
langzaam rollen
over zijn wang

Mama, wat eet je weinig,
en al die pillen
zo vaak naar de dokter
ik snap het niet
want ik ben nog maar vijf

Mama, waarom staan we hier?
waarom huilt iedereen?
die mannen in hun zwarte jas,
al die mooie bloemen
die je vaak van papa kreeg

Mama, waar ga je naar toe?
mag ik mee misschien
papa houdt me vast
en huilt hardop
als jij van ons weg genomen wordt

0114

Jouw eerste schooldag

Ik breng je weg
je tasje aan mijn stuur
jij stil achterop
als we er zijn

kijk jij je ogen uit
loopt naar de juf
en huppelt naar binnen
terwijl ik je nakijk
nog even een zoen
en nog één en nog één
dan sluit de deur
zie ik je zitten op je stoeltje
met je naam er op
zwaai ik als groet
en fiets ik weer naar huis
een traan loopt
traag over mijn wang
ik mis je nu al zo
want nu
is het zo stil in huis
geen gezing
geen speelgoed op de vloer
niet samen ff wat drinken
vandaag smaakt de koffie
me niet meer
nog even
dan ben je er weer

De airbag

’t is een beetje raar
om te praten over een zak met lucht.
Opgevouwen in het stuur,
of in het dasboard als ongeboren vrucht.
In een beetje auto zit er minstens een,
bij de luxere zelfs meer dan twee.
Slechts met het doel passagiers te beschermen,
pas dan is de automobilist tevree.

Ja, er zijn zelfs dieven,
die het gemunt hebben op dergelijke zakken.
Nonchalant wordt dan een ruitje ingetikt,
om vervolgens de airbag te pakken.
Dan is het toch een bijzonder fenomeen,
om op die manier winst te maken.
Maar zelfs vroeger handelde men al in wind,
om aldus in betere doen te geraken.

naamloos

Mijn moeder

(bij de afscheidsdienst op 17-2-15)

Sluik grijs haar
wat eens prachtig zwart was
wat fletse ogen
als bijna lege etalageruiten
die vroeger blonken van energie
de knokige handen
omhuld door craquelé huid
die vroeger bergen konden verzetten
dat is m’n moeder
aan het einde van een lange reis
die leven heet
voor hoelang nog

Haar kleine glimlach
een teken van herkenning
de weinige woorden
die ze nog zegt
als ze met trillende hand
een kopje koude koffie drinkt
was vroeger uitbundig
soms schaterend
als ze ’t op haar heupen had
om een grap, een mop
of gewoon maar
om het plezier wat ze had

Haar zacht ademhalen
de handen die zoeken naar steun
een laatste blik
naar bekende beelden
als ze naar me kijkt
stond altijd voor je klaar
deed tikkertje om de tafel
was de bezemwagen bij het fietsen
gaf het beste aan de ander
dat is mijn moeder
met al die liefde
mama, jij komt veilig aan

Mijn moeder

Ik had U niet gezien

Laatst liep ik zoekend naar de zee,
met teveel vragen in mijn hoofd,
zoekend naar God en Zijn Zegen,
zorgen hadden mijn hart verdoofd.
Of was God gewoon weg, misschien?
Maar ook al had ik wind tegen,
toch liep Jezus liefdevol met mij mee,
’t spijt me God, ik had ’t niet gezien.

sterven

Kanker Sluipmoordenaar

Ze loopt vrolijk
lacht de wereld tegemoet
geniet, geeft en droomt
geen zorgen
over vandaag of morgen
gewoon genieten
en liefhebben
da’s genoeg voor haar
Slechts diep in haar binnenste
nog heel ver weg
muteert
vegeteert
een vreemd iets
een cel
’t is eigenlijk niets
Maar niets is minder waar
Muteren, escaleren
van binnenuit
opgeteerd
Ze ligt nu
gewoon alle dagen
plat
Medicijnen, preparaten
ademhalingsapparaten
steeds minder functioneert
Slechts twee vragende
smekende ogen
vervagen
langzaam
tot ze doven
Sluipmoordenaar!

gedicht peter van heiningen

Sinterklaas

Het een vreemd gebeuren, zo’n verklede oude man,
die zoveel invloed heeft op een voor hem onbekend land.
’t Is te gek voor woorden, dat zoiets in deze tijd nog kan,
dat niemand zich er tegen kant.

Want hoe je het ook went of keert,
bijgeloof zo aankweken is helemaal verkeerd.
Het zou beter zijn voor volwassene en kind,
om de liefde voor elkaar anders te betonen.

Om zich af te wenden van die schijnheilige Sint,
en genegenheid niet met luxe cadeaus te belonen.
Want ware liefde is niet te betalen,
is niet met goud en geld te behalen.

Het ware geschenk zit ‘m voor groot en klein
in hoe menswaardig wil je voor de ander zijn.

blauwe plekken

Blauwe plekken

Schichtig kijkt ze om,
ik zie de pijn in haar ogen,
die eens azuur blauw kleurden,
nu slechts flets staren
naar schimmen op de wand.
Ik ontwaar haar striemen,
plekken van slagen,
onder haar mouwen vandaan,
als blauwdrukken
van een onbekend ontwerp.
Ik voel haar onmacht,
haar vraag om hulp en begrip,
om oprechte liefde
en bovenal menselijk respect,
die ze al jaren zo mist.
Ik hoor haar roep,
de ongesproken woorden,
haar mond beweegt,
waar ze eens mee kon lachen,
nu slechts stamelt.
Ik droom, hoop en bid,
hulp voor haar,
een nieuw leven of toekomst,
of gewoon een wonder:
weer het meisje van tien.

fietsen

Bermen

Fietsend langs smalle en brede wegen,
genietend van de kleuren en geuren,
kijkend naar al die bloemenpracht,
bewonder ik deze stukjes niemandsland.

Waar achteloos vuil wordt gestort,
papier, blik en plastic wordt gedumpt,
daar lijkt de mens onbeschaafd,
ja, zelfs de grootste vervuiler te zijn.

Onmiskenbaar zien wij onze welvaart,
gedrapeerd tussen al dat groen,
dat in het voorjaar veelkleurig wordt,
en desondanks iets moois laat zien.

Lange halmen, ranke stengels,
bloemen rood, geel, wit en blauw,
verbergen alle ongerechtigheid
en betoveren mijn gevoel.

 

Hij staat voor paal

Jarenlang ben je flink gegroeid
in t voorjaar uitbundig gebloeid,
een houthakker ging met je aan de haal
nu sta je als boom altijd voor paal

Gedicht: www.petervanheiningen.nl

Zomersonnet

De geur van bloeiende seringen
en dat van pas gemaaid gras,
het geluid van vogels die zingen
en hun gespetter in een plas.

’t Is de zomer van herinneringen,
liefste, wou dat je nog in m’n armen was.

geurvreters

Geurvreters

Mijn schoen heeft twee zolen:
Eén er in en één er onder.
Slechts een dun laagje leer houdt hen gescheiden.
Zo dichtbij en ook ver weg,dat is toch heel bijzonder.

De onderste heeft zichtbaar heel wat te leiden,
Vooral in de wat vochtige tijden.
De binnenste treft het echter beter
Beschermd door een voet en een veter.

Helaas leeft deze heel wat bedompter.
Geen frisse lucht of spannende momenten.
Maar wel langdurig zure zilte geuren,
Die hem, hoe nieuw ook, al snel doen verkleuren.

Zo zie je dus tot slot:
Elke zool draagt zijn eigen lot.

regenboog

Durf te leven

Als de boog van een brug,
een lucht die zwanger is,
en de nevel die trekt op,
zo staat de regenboog pal,
blinkend in de nieuwe zon.
Weg zijn de sporen,
de spaanders van de storm,
en resten van geweld.
Zacht klinkt het ruisen,
de bladeren in de wind,
hoor ik vogels weer fluiten,
en geniet ik als een kind.
Weg zijn de dromen,
de flarden van angsten,
die me hadden gekweld.
Zacht raakt de zon mij aan,
voel ik de warmte,
de tederheid ervan.
Zo durf ik weer te leven

tijdelijke benoeming 

Spiegelbeeld

Soms weet ik niet
of ik ben die ik denk te zijn.
Ik zie in de spiegel mijn gezicht
en kijk dan vragend naar hem:
de wenkbrauwen die zijn verdwenen,
de rimpels in het vel,
de ogen starend,
ben ik dat wel?
Of kijkend in mijn ondergoed
het droge vel als perkament,
wat eens was, als een tere kinderhuid,
nu getekend en gebruikt?

Dan schrik ik wakker van mezelf,
kijk nog eens naar datzelfde beeld
en zie de jonge vrouw van vroeger,
die zich nu weg loopt,
met haar heb ik m’n leven gedeeld.

zout

We eten te zout

We eten te zout, meer dan goed voor ons is,
te vet en te weinig bewegen,
aan onze gezondheid is veel gelegen.
Met hoge bloeddruk  en vaatziekten is het mis.

Teveel zout, zo liet het RIVM ons weten,
verkort onnodig ons toch al niet lange leven,
door al dat natrium kan ‘t hart het begeven,
en heb je al die tijd voor niets gegeten.

Men is beter af met een zoutloos bestaan
zodat men zonder hartklachten heen kan gaan.

 

Groen was het gras

Groen was het gras,
gekoesterd door de man,
die met zijn ruwe klauwen
de talloze sprietjes streelde,
de lijnen krijtte,
de middenstip schilderde,
als een kunstwerk
op het groen en
tenslotte de hoekvlaggen plaatste.

Na negentig minuten spelen
was zijn gras kapot,
de lijnen verdwenen,
de stip vertrapt,
pollen uitgerukt,
kale plekken waren verschenen,
waar hij zo liefdevol
maanden aan had besteed.

Terwijl de spelers feesten,
de toeschouwers lalden,
de kenners nabeschouwden,
knielde hij neer
met tranen in de ogen,
de bevende handen,
streelde hij het geknakte gras,
maar ’t was zijn gras niet meer.

poezie www.petervanheiningen.nl

Een nieuwe dag

De geur van seringen,
de merel die zingt,

de ochtendnevel
die het land bedekt,

zacht fluistert de wind,
een nieuwe dag begint.

Poezie ook een pagina van Peter van Heiningen.

pen

© Peter van Heiningen

Share Button
Print Friendly
One comment on “Poezie
  1. Pingback: Elektrische Fiets - GEDICHTENBLOG PETER VAN HEININGEN

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *